Bestrooi de kipfilet met zout en peper. Breng de bouillon aan de kook en pocheer de kip tot deze gaar is (als je grote stukken kip hebt kun je ze wat kleiner maken zodat het sneller gaar is). Snij de kip in blokjes.
Snijd de champignons in blokjes en verwarm boter in een koekenpan. Bak de champignons hierin aan. Breng op smaak met zout en peper en voeg een eetlepel worcestersaus toe.
Smelt de boter in een sauspannetje (in verband met "overstromingsgevaar" adviseer ik voor 6 personen een minimale inhoud van 1,5 liter te gebruiken). Roer de bloem met een garde door de boter tot dit een glad mengsel vormt. Laat dit 1 minuut, al roerend, zachtjes pruttelen tot de bloem gaar is. Voeg dan, steeds roerend, beetje bij beetje de bouillon toe en roer dit tot een gladde saus. (je hebt ongeveer 750 ml bouillon nodig voor 6 personen)
Doe de mosterd, worcestersaus, kerriepoeder, champignons en kip erbij. Voeg de slagroom toe en vervolgens de ringetjes lente-ui en fijngesneden peterselie. Breng op smaak met zout en peper.
Serveer de ragout in een pasteibakje, of in een bakje met daarop een dakje van bladerdeeg.